Hoofdartikel

De 1 mei- Black blocs en Casseurs: klein bier voor Parijs !

3 min ontdekkings-tijd

Enkele auto’s en een Mc Donalds in de prak. Oproerkraaiers in het zwart met de anarchistenvlag. Het beheerste op 2 mei de voorpagina’s van alle media. Maar al bij al ging het er zeer braafjes aan toe. Zeker in vergelijking met het vroegere oeuvre van de Franse anarchisten: de moord op de President van de  Republiek, Sadi Carnot, de bomaanslag in de Assemblée Générale, het opblazen van ‘foute’ rechters en meer.“La Propriété c’est le vol!  Ton ennemi: l’état!”.  “Une nouvelle profession? La Révolution!”, zo preekt Pierre Proudhon. Hij gebruikt als eerste de term ‘An-archie’. Kan die niet bereikt worden door georganiseerde strijd, dan maar via individuele acties. Zo komt Parijs, tussen pakweg het einde van de Parijse Commune en de eerste wereldoorlog, in de ban van overvallen, bomaanslagen, moorden en executies door anarchisten. Een reeks kettingreacties begint op…  1 mei 1891. Het leger schiet op stakers in Fourmies, bij de Belgische grens. Tien doden waaronder twee kinderen. Onmiddellijke acties van de anarchisten in Parijs die een vuurgevecht aangaan met de politie op de Place de Clichy. De ‘anars’ krijgen ‘te’ lange gevangenisstraffen volgens François Koenigstein (alias Ravachol). Om dit te wreken blaast hij de huizen op van de twee rechters. Tussenin  blaast hij ook een deel van de Lobau-kazerne de lucht in en eindigt onder de guillotine. Om Ravachol te wreken, gooit Auguste Vaillant een bom in het parlement: guillotine. Om Vaillant te wreken gooit Emile Henry bommen in het Café Terminus en in Chez Foyot. Een van zijn bommen wordt afgeleverd bij een mijnbouwfirma, maar ontploft uiteindelijk in het politiekantoor in de Rue des Bons-Enfants: guillotine.Op 24 juni 1894 opent de Franse president Sadi Carnot een tentoonstelling in Lyon. Een jongeman wil hem een boeket bloemen overhandigen, verpakt in krantenpapier. Plots komt het mes tevoorschijn en Geronimo Caserio steekt de president dood met de kreet ‘Vive l’Anarchie’: guillotine. Na al dat bloedvergieten staan we met onze gasten in de Rue Nollet, een rustige straat in Les Batignolles. We houden halt aan het huis van Jules Bonnot, leider van de meest tot de verbeelding sprekende, gewelddadige anarchisten: de gevreesde ‘La Bande à Bonnot’.  Zo berucht dat er een film wordt over gedraaid met oa Jacques Brel als ‘Raymond La Science’, handlanger van Bonnot.

Jules Bonnot was een voortreffelijk beroepschauffeur en reed onder meer voor Arthur Conan Doyle, auteur van de Sherlock Holmes-boeken. Rond zich verzamelt hij een aantal geradicaliseerde jonge mannen uit het arbeidersmilieu. Het zijn ‘autodidacten’ in verschillende disciplines: overvallen, bommen maken, scherp schieten, maar ook slotenmakers, letterzetters en drukkers.Hun eerste wapenfeit is de overval op een bankloper van de Société Générale in Montmartre, met Bonnot aan het stuur van de eerste ‘vluchtauto’ uit de Franse geschiedenis.Dan volgt een resem moorden, bankroven, overvallen op winkels, postkantoren, fabrieken en wapenarsenalen. Frankrijk gaat in een kramp en de politie is het onderwerp van hoon en spot. Uiteindelijk wordt Bonnot gestrikt. Twee compagnies van de Garde Républicaine, de brandweer, een groep scherpschutters en een filmploeg van Pathé leggen een kordon rond het pand. Groots spektakel dat het publiek moet te zien krijgen. Echter, na uren van beschieten, schiet Bonnot nog steeds terug. Dan gooien de belegeraars dynamiet in het huis. Stilte. Bij het betreden vinden ze een zwaar gekwetste Bonnot die zichzelf met een matras omwikkeld heeft om de kogels op te vangen. Geen guillotine voor Bonnot, hij  sterft op weg naar het ziekenhuis en wij stappen verder naar het volgende verhaal in Les Batignolles !

Wie live wil proeven van dit en andere intrigerende verhalen, wandelt mee op onze route “Van Rothschilds & Refusées”.

(KLIK HIER EN GA TERUG NAAR OVERZICHT : PARIJS LEEFT – DEEL 1)